“Gaat dit garen pluizen?”
Het is een vraag die ik regelmatig krijg. En eerlijk gezegd is het antwoord niet altijd het antwoord dat iemand graag hoort: ja, dat kan.
Zelfs prachtige merinowol, alpaca of kasjmier kan in het begin wat pluizen of pillen. Dat betekent niet automatisch dat je een slecht garen hebt gekocht.
Sterker nog: bij natuurlijke vezels is een beetje pilling soms gewoon onderdeel van het gedrag van het materiaal.
Wat is pilling eigenlijk?
Met pilling bedoelen we de kleine bolletjes die op het oppervlak van een gebreid kledingstuk ontstaan. Losse vezeltjes komen door het dragen iets uit de draad en raken door wrijving met elkaar verstrengeld. Zo ontstaan de bekende kleine bolletjes.
Je ziet ze vooral op plekken waar veel wrijving ontstaat: onder de armen, bij de ellebogen, op de heupen of op een plek waar bijvoorbeeld een tas steeds langs je trui schuurt.
Dat is dus niet zo vreemd. Een trui die gedragen wordt, krijgt nu eenmaal te maken met wrijving.
Pluizen betekent niet automatisch dat het garen slecht is
Dat vind ik een belangrijke om te benoemen.
We zijn soms geneigd om te denken: goed garen pluist niet en goedkoop garen wel. Maar zo eenvoudig is het niet.
Juist de fijnste en zachtste natuurlijke vezels kunnen in het begin wat pilling geven. Denk bijvoorbeeld aan kasjmier en extrafijne merino. Deze vezels zijn zo fijn dat ze heerlijk zacht aanvoelen, maar die zachtheid betekent niet automatisch dat ze ook volledig ongevoelig zijn voor pilling.
Zachtheid en slijtvastheid zijn namelijk niet hetzelfde.
Waarom pluist het ene garen meer dan het andere?
Daar spelen verschillende dingen een rol.
De lengte van de vezel
Langere vezels blijven over het algemeen beter in het garen zitten. Kortere vezels kunnen gemakkelijker naar het oppervlak komen en daardoor sneller kleine bolletjes vormen.
De fijnheid van de vezel
Een heel fijne vezel voelt heerlijk zacht aan. Dat is precies waarom we zo graag met bijvoorbeeld merino, alpaca en kasjmier breien. Maar ook een garen waarin verschillende fijne vezels worden gecombineerd, zoals wol met alpaca, wol met kasjmier of merino met kasjmier, kan heerlijk zacht zijn. Een fijne vezel heeft echter ook andere eigenschappen dan een wat grovere, stevigere vezel.
De manier waarop het garen is gesponnen
Ook de twist van een garen speelt een rol. Een stevig getwijnd garen houdt de vezels doorgaans beter op hun plaats. Een luchtiger gesponnen garen kan juist zachter, voller en soepeler zijn, maar daardoor ook gevoeliger voor wrijving.
En dan is er nog iets wat vaak vergeten wordt:
Het ligt niet alleen aan het garen
Twee truien die van precies hetzelfde garen zijn gebreid, kunnen zich toch heel verschillend gedragen.
De breidichtheid, de gebruikte steek, de hoeveelheid wrijving en zelfs de manier waarop een kledingstuk gedragen wordt, hebben invloed.
Een los gebreide, zachte trui die regelmatig onder een jas wordt gedragen, krijgt bijvoorbeeld veel meer te verduren dan een stevig gebreide trui die voornamelijk binnenshuis wordt gedragen.
Ook een schoudertas kan een echte pilling-veroorzaker zijn. 😉
En hoe zit het met acryl?
Misschien denk je nu: maar synthetisch garen pluist toch niet?
Dat is een hardnekkig misverstand. Ook acryl kan behoorlijk gaan pillen. Sterker nog, sommige acrylgarens kunnen juist opvallend veel kleine bolletjes vormen.
Bij acryl spelen de vezelstructuur en de manier waarop het garen is gesponnen een belangrijke rol. Door wrijving kunnen vezels aan het oppervlak komen en zich tot kleine bolletjes vormen. Omdat acrylvezels sterk zijn, kunnen die bolletjes bovendien langer aan het oppervlak blijven zitten.
Het verschil met natuurlijke vezels is dus niet simpelweg: wol pluist en acryl niet.
Ook bij acryl geldt dat de kwaliteit van de vezel, de garenconstructie, de manier waarop het kledingstuk is gebreid en vooral de hoeveelheid wrijving allemaal invloed hebben op de mate van pilling.
Pilling is dus zeker niet voorbehouden aan natuurlijke garens.
En dan komt het goede nieuws
Bij sommige garens zie je in het begin wat pilling. Vaak zijn dat vooral losse vezels die tijdens de eerste draagbeurten naar buiten komen.
Een kledingstuk kan er daardoor na een paar keer dragen wat minder mooi uitzien dan je had verwacht. Maar dat betekent niet automatisch dat het zo blijft.
Een pluizig kledingstuk kun je bovendien heel eenvoudig weer netjes maken met een goede pluizentondeuse of kledingkam.
Pilling is dus niet altijd een reden om een garen af te schrijven.
Het is veel interessanter om te kijken naar het hele plaatje: welke vezel is gebruikt, hoe is het garen gesponnen, hoe is het kledingstuk gebreid en vooral: hoe wordt het gedragen?
Pilling betekent niet automatisch dat de kwaliteit slecht is.
Een voorbeeld uit mijn eigen atelier: ook een prachtig en kwalitatief garen als Acadia kan bij het dragen gaan pillen. Vooral op plekken waar veel wrijving ontstaat, kunnen kleine bolletjes zichtbaar worden. Dat maakt het garen niet ineens minder mooi of van mindere kwaliteit.

Mijn advies?
Wanneer je een mooi kledingstuk van een fijn natuurlijk garen hebt gebreid, geef het even de tijd.
Niet meteen denken: dit garen is slecht, mijn trui pluist.
Een beetje pilling in het begin kan heel normaal zijn. Haal de bolletjes voorzichtig weg en kijk hoe het kledingstuk zich daarna gedraagt.
Want uiteindelijk koop je een mooi natuurlijk garen niet alleen omdat het niet mag pluizen.
Je koopt het omdat het mooi is, prettig breit, heerlijk aanvoelt en een kledingstuk oplevert dat je graag draagt.
En juist die combinatie maakt breien met mooie natuurlijke garens zo bijzonder.
